Afgelopen dinsdagavond heeft Gerard Vinke tijdens het inspraakmoment van de raadsvergadering opnieuw geprobeerd de gemeenteraad van Oirschot te overtuigen van een aquaduct voor de A58 over het Wilhelminakanaal. Zijn oproep kwam op een moment dat de raad op 14 april al unaniem heeft besloten om voorlopig constructief mee te werken aan de vervanging van de brug.
Door Marcia Engelander - van den Wittenboer
Vinke maakte tijdens de inspraak duidelijk dat hij de huidige plannen nog altijd te duur en te weinig toekomstgericht vindt. Volgens hem staan de kosten van de gekozen brugvariant niet in verhouding tot wat een aquaduct zou kunnen bieden. Hij verwees naar voorbeelden elders in het land en stelde dat Oirschot zich niet zomaar moet neerleggen bij een oplossing waar de gemeente volgens hem decennialang last van houdt. Zijn boodschap was stevig en was bedoeld als laatste poging om de raad weer in beweging te krijgen. De kern van zijn betoog was dat het volgens hem nog niet te laat is om van koers te veranderen. Vinke wees erop dat de gemeente nu een keuze maakt die volgens hem voor lange tijd vastlegt hoe het kanaaltracé eruit komt te zien. Hij vond dat Oirschot meer druk had moeten zetten op Rijkswaterstaat en de minister om opnieuw naar een aquaduct te kijken. Daarbij liet hij merken dat hij de eerdere berekeningen en afwegingen onvoldoende overtuigend vindt.
Constructief
Tegenover die oproep zette VVD-fractievoorzitter Joris Van de Loo de afspraak van 14 april nog eens neer. "Afgelopen 14 april hebben we een discussie gehad en daar hebben we uitgebreid gediscussieerd over de brief van de minister, hoe te antwoorden en welke richting we in zullen gaan. Geconcludeerd is dat we constructief gaan meewerken met het vervangen van de brug over het Wilhelminakanaal. Het 1 op 1 vervangen, mocht er aanleiding zijn dat de verbreding van 2x3 naar 2x4 gaat dan gaan wij onze lobby weer oppakken om te pleiten voor een aquaduct," zei hij. Volgens Van de Loo was de raad daar unaniem over eens. CDA-fractievoorzitter Peeters legde uit waarom de raad volgens hem nu realistisch moet blijven. “In 2013 is de startbeslissing genomen waarin een aquaduct door de minister is afgewezen, niet de raad en niet RWS. De minister heeft dat besluit genomen," zei hij. Sindsdien is er volgens hem breed samengewerkt, onder meer via het pact Aquaduct in het Groen en onderzoek van IPV Delft, maar zonder doorbraak. "En de laatste brief van de minister laat niets aan duidelijkheid over," aldus Peeters.
MIRT
Peeters wees er ook op dat Oirschot belangen moet afwegen. De gemeente kampt niet alleen met hinder door verkeer en geluid, maar wil ook voortgang in de bredere aanpak van de A58. Volgens hem is het onverstandig om inwoners op nieuwe verwachtingen te trakteren als de kans op een aquaduct nu feitelijk ontbreekt. Alleen als uit de MIRT-verkenning alsnog een verbreding naar 2x4 blijkt, kan het gesprek opnieuw open worden gebroken.
