Na een heerlijke vakantie in Friesland heb ik de balans opgemaakt van mijn relatief korte politieke leven. De kernvraag is eenvoudig: voor wie doe je het? Politiek hoort niet om jezelf te draaien, maar om de gemeenschap.

Maar wat is die gemeenschap nog? Van de 16.000 stemgerechtigden brachten er 9.000 daadwerkelijk hun stem uit. Bij veel kiezers lijkt inhoud ondergeschikt aan herkenning: men stemt op Piet of Klaas omdat men die kent, familie is of samen in een vereniging zit. Partijen vullen hun lijsten met tientallen kandidaten die vervolgens vooral hun eigen netwerk mobiliseren. Zo ontstaat een gemeenteraad waarvan ik helaas maar een handvol leden inhoudelijk serieus vind. Daarnaast zie ik te veel demagogen, opportunisten, carrièrejagers en stoelvullers. Voeg daar de kadaverdiscipline van coalitiepartijen aan toe en je krijgt de keerzijde van de democratie.

Politiek is echter een samenspel tussen burger en politicus. Wie klaagt over de politiek, mag ook in de spiegel kijken. Na de verkiezingen deed ik een oproep aan de 388 stemmers op Nieuwe Politiek om mee te denken over de toekomst. De opkomst was minimaal. Bij mijn oproep aan jongeren en starters om de raadsvergadering over de woningnood bij te wonen, kwam vrijwel niemand. Ook initiatieven om voorzieningen als het Hart van Spoordonk levend te houden, kunnen kennelijk rekenen op weinig bereidheid om zelf bij te dragen. We vinden het allemaal prima, totdat iets onze eigen achtertuin raakt.

De raadsbijeenkomst over de woningbouwmonitor op 30 juni was voor mij een nieuw dieptepunt. Ik confronteerde de fraaie beleidswoorden met de weerbarstige praktijk. De reactie van de raad bleef steken in: er zit een kern van waarheid in uw verhaal. Geen wezenlijke discussie, geen inhoudelijke confrontatie. En dat wordt dan een beeldvormende sessie genoemd. Ook de lokale en regionale pers vond de avond kennelijk niet interessant genoeg om er verslag van te doen. En de bestuurlijke reactie op de A58? Vooral politiek theater voor de bühne.

Steeds sterker kreeg ik het gevoel dat ik als een moderne Don Quichot tegen windmolens vocht. Het College bepaalt de koers, de oppositie sputtert wat en de coalitie stemt de plannen er vervolgens keurig doorheen. Van echte tegenmacht is nauwelijks sprake.

Toen kwam ik opnieuw bij de kernvraag: voor wie doe ik dit? Het antwoord werd pijnlijk duidelijk: kennelijk vooral voor mezelf. En dat is nu precies waarom ik niet in de politiek wil zitten. Het gaat immers niet om mij.

Daarom heb ik besloten de Vereniging Nieuwe Politiek op te heffen en volledig uit de lokale politiek te verdwijnen. Geen inspreekbeurten meer, geen website of sociale media, geen politieke inzet meer. Ik richt mij voortaan op andere dingen in het leven.

Ik ben niet teleurgesteld of gefrustreerd. Bij mijn start zeiden velen: Hans, niet doen. Het heeft toch geen zin. Ze hebben gelijk gekregen. Dat is oké.

Een goede vriend zei ooit: ‘Oirschot verdient jou niet.’ Zware woorden, maar misschien zit er wel waarheid in.

Dank aan Conny Janssen en Ruud Merks, die mijn verhaal volledig hebben gesteund.

Op naar de fusie met Best en de verkiezingen eind volgend jaar. U kunt dan weer doen wat u al jaren doet: AUTOPILOT ON.

Ingezonden door Hans Boer.