De Spoordonkse watermolen is goed te herkennen aan het bord met de opdruk 'WYERS OUDE JENEVER'. Foto:  Peter Hoeks
De Spoordonkse watermolen is goed te herkennen aan het bord met de opdruk 'WYERS OUDE JENEVER'. Foto: Peter Hoeks (Foto: )

Tand des tijds doorstaan in Spoordonk

Oplaadpunt, museum én werkende graanmolen

Van de redactie

Watermolens zijn bepalend voor het Noord-Brabantse landschap. Voor veel fietsers en wandelaars zullen het iconische herkenningspunten zijn. Maar ook het typische beken- en rivierenlandschap van Noord-Brabant zelf heeft mede vorm gekregen door de vele ingrepen die mensen hebben gedaan om het water optimaal te benutten.

Spoordonk - De Spoordonkse watermolen pluk je zo uit het landschap, met z’n opvallende gevenreclame voor WYERS OUDE JENEVER. De jenever waar dit grote gele bord op duidt leverde vroeger een kleine bijverdienste op, toen er in de molen nog graan en olie gemalen werd.

Ooit ontstaan als één van de oudste oliemolens in de veertiende eeuw, is de molen nu zo aangepast dat bezoekers bijtanken met koffie en molencake, terwijl hun elektrische auto’s opladen aan de stroom die wordt opgewekt door het bijbehorende waterrad. De watermolen is deels museum, en onder het toeziend oog van eigenaar Emile van Esch worden er zelfs, in tijden vóór corona, concerten en shows gegeven. In de winter wordt er af en toe nog steeds graan gemalen.

Tradities doorstaan hier de tand des tijds, juist door moderne aanpassingen. In 2012 kreeg de Spoordonkse watermolen nog een nieuw waterrad om elektriciteit op te wekken voor zowel eigen gebruik als voor de elektrische auto, die hier eenmaal opgeladen, eigenlijk op waterkracht rijdt.

Watermolens in Noord-Brabant

Water heeft altijd een belangrijke rol gespeeld in Noord-Brabant. Aan de vele beken en rivieren die door het landschap slingeren, lagen ooit tientallen watermolens. De grondheren en molenaars wisten maar al te goed hoe zij de kracht van water moesten benutten. Ondanks het trage stromen van het beekwater wisten zij precies hoe waterkracht zorgde voor bruikbare energie.

Elk van de watermolens stuwde het water totdat het genoeg kracht had om het waterrad aan te drijven. Het stuwen van het beekwater had voor de waterhuishouding kilometers verderop grote gevolgen. Watermolenaars wilden zoveel mogelijk watertoevoer, en stuwden daarom het water nog wel eens te hoog op. Daardoor liepen andere plekken weer onder water of vielen juist droog. Watermolenaars en boeren kregen het daarom met elkaar aan de stok. Er werden controleurs aangesteld om de maximale waterstand in de gaten te houden. Om de waterkracht toch optimaal toe te passen vonden er ingrepen plaats aan de rivier- en beeklopen: molenaars legden omleidingen aan, groeven molenwijers en bouwden bruggen. Deze ingrepen in de natuur hebben mede het landschap en wegenpatroon van Brabant bepaald.

Het boek 'Watermolens in Nood-Brabant' is online verkrijgbaar via

www.matrijs.com

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden