Hanneke Coolen-Colsters volgt deze week het spoor van haar opa en de Zwarte Panters op Java. Ze bezocht ook het ereveld Menteng Pulo in Jakarta, waar honderden gesneuvelde Nederlandse militairen liggen.
Hanneke Coolen-Colsters volgt deze week het spoor van haar opa en de Zwarte Panters op Java. Ze bezocht ook het ereveld Menteng Pulo in Jakarta, waar honderden gesneuvelde Nederlandse militairen liggen. (Foto: )

‘Jouw opa was een vriend van mij’ (2)

'Ik hoop een soort olievlek te veroorzaken'

Rens van Ginneken

Bij toeval vond Hanneke Coolen-Colsters (36) brieven en een dagboek van haar opa Piet Colsters. Onweerstaanbaar werd ze in zijn Nederlands-Indië verleden gezogen. Vijf jaar later verzorgt ze door het hele land de lezing ‘Oost-Indisch Doof’, maar er zijn ook een theaterproductie, exposities en een documentaireserie in de maak.

Middelbeers - Gaandeweg ontdekte Hanneke Coolen dat rond het hele verhaal van de politionele acties nog een behoorlijke taboesfeer hangt, het was de oorlog die eigenlijk 'fout' was. Ze vertelt: “Dat maakt het ook lastig om fondsen te werven voor exposities, of een documentaire”, aldus Coolen. “Het is veelzeggend dat het 4 en 5 Mei Comité er nog altijd geen krans voor wil benoemen. Niemand durft het beestje bij de naam te noemen. De oud-strijders zelf zijn vaak verbitterd geworden. Ze gingen erheen om de orde te herstellen, maar het werd een bloedige guerrilla. “Om het koloniale geld veilig te stellen”, zo zeiden ze later vaak. Ik heb zes Zwarte Panters teruggevonden via een advertentie. Mannen van rond de negentig nu, sommigen maten van mijn opa. Jan Bullens uit Middelbeers was ook op Java geweest. Hij vertelde me vroeger vaak: “Jouw opa was een vriend van mij.” Dat zei me toen niet zoveel, maar nu besef ik veel beter wat die vriendschappen betekend moeten hebben in die bange dagen.”

Bronbeek

“Ik heb ook veel contact met Bronbeek, het kenniscentrum van ons koloniale verleden, waar ook nog zo’n vijftig oud-strijders verblijven. Van hen hoor ik verhalen te horen, die ze hun eigen kinderen nooit vertelden. Dat ik een ‘kleindochter van’ ben is vaak een opening. Het is soms echt slikken, als ze vertellen dat ze dorpen moesten ontruimen, syfilis hadden opgelopen, of iemand hebben doodgeschoten. Ik merk dat ik me soms opgejaagd voel, want ik wil zoveel mogelijk informatie binnenhalen. Maar zijn ze er volgende maand nog? Daarnaast ben ik zéér geïnteresseerd in de Indonesische kant van het verhaal. Zij beleven dit heel anders. Waar wij het verleden wegstoppen, wordt daar elk jaar op 17 augustus uitbundig de bevrijding gevierd. Met re-enactment worden hele slagen nagespeeld van de onafhankelijkheidsstrijd. Komende week ga ik naar Java, om het spoor van mijn opa te volgen, maar ik ga dan ook meedoen aan zo’n re-enactment. De grote held van Indonesië is in veel verhalen generaal Sudirman. Hij heeft daar een enorme status. Uit mijn naspeuringen blijkt dat mijn opa als een soort Forest Gump zo’n beetje overal opdook, waar Sudirman ook was. Ze joegen hem na in de jungle.”

Mensen gedood

Ze erkent: "Uiteindelijk kom ik zelf ook voort uit het koloniale verleden. Ze vragen me weleens of mijn opa ook mensen heeft gedood. Dan zeg ik eerlijk: ja, want dat moest hij”, vertelt Coolen. Ze besluit: “Ik hoop op deze manier een soort olievlek te veroorzaken, zodat we het er straks in openheid over kunnen hebben, zonder te veroordelen. Zodat we niet meer Oost-Indisch Doof hoeven zijn.”

Activiteiten rondom ‘Oost-Indisch Doof’
Hanneke Coolen-Colsters werkt nauw samen met het veteraneninstituut in Doorn, met Museum Bronbeek in Arnhem, met museum De Bewogen Jaren in Hooge Mierde en met historicus Hans van den Akker. Ze verzorgt lezingen over het verhaal van haar grootvader en zijn tijdgenoten in Nederlands-Indië.

In deel 3 het verhaal van Hanneke Coolen tijdens haar zoektocht op Java.

www.oostindischdoof.com

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden