Jan Beks samen met de rest van het gezin op de motor.
Jan Beks samen met de rest van het gezin op de motor. (Foto: )

Wie was architect Jan Beks?

Door Jan Kuijpers

1895-1953

Op 15 februari 1953 stierf Jan Beks. Architect. Jan Beks was een van de meest aansprekende figuren die Oirschot ooit gekend heeft. Hij verongelukte met zijn scooter in Best, vlak bij het kruispunt Quatre Bras.

OIRSCHOT - Het gebeurde op een dag dat het zeer slecht weer was. Op het moment dat hij de bebouwde kom van Best verliet en hij op zijn scooter door het ontbreken van bebouwing langs de weg, niet meer tegen de wind was beschermd, gebeurde het fatale ongeluk. Het was glad en zijn scooter gleed onder hem weg. Hij viel en sloeg met zijn hoofd tegen het wegdek. Hij had geen helm op, want dat was toen nog niet verplicht. Na een paar dagen bewusteloos in het ziekenhuis te hebben gelegen, stierf hij op zondagavond, zonder nog bij kennis te zijn geweest. Hij werd 57 jaar. Oirschot was in diepe rouw gedompeld.

Vadertje Beks, zoals heel Oirschot hem kende, was een bijzonder mens. Geboren in 1895 in Stratum in Eindhoven is hij na een paar omzwervingen in Oirschot terechtgekomen. Zijn enige nog levende zoon Hans, woonachtig in Oirschot, kan veel over hem vertellen: "Ik ben de jongste van ons gezin van zeven kinderen en de enige die hier in Oirschot is geboren", aldus Hans. "Wij woonden toen in de Molenstraat op nr. A 357, dat later bij de hernummering A 415 werd. Oirschot was toentertijd verdeeld in wijken. En iedere wijk had z'n eigen nummering, die begon met een letter. Het centrum van het dorp begon met een A."

Het Oirschotse huisnummersysteem

"Het systeem met alleen een letter met een cijfer erachter was een lastig systeem. De straten hadden wel een naam, maar er stonden geen naambordjes bij. Dus een vreemdeling die het dorp niet kende, moest er maar op de een of andere manier achter zien te komen waar de Molenstraat was. Mijn vader vond dat systeem onpraktisch. Hij heeft ervoor geknokt om dat veranderd te krijgen. Trouwens ook als architect had hij weleens meningsverschillen met de gemeente. Soms kreeg hij gelijk, een andere keer niet en zocht hij naar een goed alternatief. 'Oirschot houdt me creatief', lachte hij dan. Hij hield van ons dorp, van de mensen met hun toch wat onbekommerde manier van leven."

Na veel omzwervingen in Oirschot

"Mijn vader was de zoon van bouwkundige Peter Beks, die zich in het bouwen van gewelven, voornamelijk kerkgewelven, had gespecialiseerd. Als jonge knaap mocht mijn vader tijdens de schoolvakanties al met zijn vader mee naar de bouw. Daar ging hij met hem mee de steigers op, dikwijls tot de nok toe, van veelal kerken en zag hij hoe die gewelven ontstonden. Daar groeide zijn belangstelling voor de bouwkunst. Door die interesse koos hij voor een studie bouwkunde. Na zijn studie ging hij werken bij architectenbureau 'Kooken' in Eindhoven. Daar leerde hij mijn moeder kennen, die ook op dat bureau werkzaam was. Hij kreeg de opdracht om de verschillende kerken die Kooken ontwierp en die in aanbouw waren, als opzichter te begeleiden. Een kerk bouwen duurde in die tijd jaren. Kooken stond erop dat hij steeds in de parochie ging wonen waar de kerk werd gebouwd. Met als gevolg dat ons gezin een soort nomadenbestaan ging lijden. Eerst in Venlo, daarna in Tilburg en tenslotte in Middelbeers, waar de St. Willibrorduskerk in de jaren twintig van de vorige eeuw werd gebouwd. Toen die klaar was, zijn we in 1930 naar Oirschot verhuisd en is mijn vader voor zichzelf begonnen. Eerst hebben we gewoond in het voormalige KJV-huis aan de Gasthuisstraat. Daarna in de Molenstraat op het huidige nummer 4, dat toen dus nummer A 357 had. Een eigen architectenbureau beginnen was in die tijd geen sinecure. Er waren veel onzekerheden. Want we zaten toen midden in de crisisjaren en mijn ouders hadden een jong gezin. Mijn vader besefte dat, maar had voldoende flair en capaciteiten om die stap te zetten. Om bekendheid te krijgen stuurde hij een circulaire rond, waarin hij zichzelf aankondigde als 'Jan Beks architect'. Het was in die tijd heel bijzonder en gedurfd om jezelf met je voornaam aan te kondigen."

Het karakter van Jan Beks

Jan Beks was klein van stuk. Hij had een tanig gezicht en liep altijd met een pet op. Het meest karakteristieke aan hem was wel zijn lorgnet, die hij op zijn neus vastkneep. Ook had hij excentrieke gewoontes. Hij praatte veel en op een aparte manier met een Stratums dialect. Dat deed hij heel bewust. Bij het lopen plaatste hij zijn voeten naar buiten gericht en hij kleedde zich erg opzichtig. Hij had meestal een plusfour broek aan en sterk gekleurde jasjes. De kleurcombinatie interesseerde hem niets. Hij kon gemakkelijk een blauwe ribbroek combineren met een knalgele blazer.

Meer over Jan Beks is te lezen op de website van 'Oirschots heem' www.oirschotsheem.nl

Meer weten de oorlogservaringen van Jan Beks en over '75 jaar Vrijheid'? Bezoek dan de tentoonstellingen in de museum De Vier Quartieren en in het Oude Raadhuis op de Markt in Oirschot.

Meer berichten