Het bestuur van de Stichting Landjuweel 1980: Topy Mertens, Henk van Hout, Wim van den Biggelaar, Toon van der Aa, Ad Aarts, Cees van Rijen, Harrie van Linnen. Hendrik van der Hamsvoort ontbreekt op de foto.
Het bestuur van de Stichting Landjuweel 1980: Topy Mertens, Henk van Hout, Wim van den Biggelaar, Toon van der Aa, Ad Aarts, Cees van Rijen, Harrie van Linnen. Hendrik van der Hamsvoort ontbreekt op de foto. (Foto: Rens van Ginneken)

Landjuweel werd in een roes beleefd

‘Ik liep lukraak de Markt op om vrijwilligers te ronselen’

Rens van Ginneken

Hoogwaardigheidsbekleders

De schuttersgilden in Oirschot, Sancta Barbara, Broederschap van Onser Liever Vrouwe, Sint Sebastiaan en Sint Joris organiseerden in 1980 samen het Landjuweel. Ook in 1963 en 1951 werd er een Landjuweel in Oirschot gehouden. De traditie van het Landjuweel gaat terug tot de 12e eeuw. De winnaar van het eerste landjuweel, moest het volgende landjuweel opzetten, enzovoort. De winnaar van het zevende landjuweel moest een nieuwe cyclus beginnen. De winnaar van het eerste landjuweel kreeg één zilveren schaal. Voor de volgende wedstrijd moest de winnaar steeds een zilveren schaal meer laten maken en zo ging dat door tot zeven, net als de wedstrijden.

Als de broederschap ergens zichtbaar was bij de gezamenlijke Oirschotse gilden, dan was het wel bij het Landjuweel van 1980. Het werd een slopende klus én een gigantische happening met vele duizenden bezoekers.

Oirschot – “Afgevaardigden van de vier Oirschotse schuttersgilden vergaderden het jaar voorafgaand aan het Landjuweel 1980 maar liefst 35 keer, hier bij onze beschermheer- en vrouwe Peter en Topy Mertens”, zo vertelt Wim van den Biggelaar, destijds voorzitter van de Stichting Landjuweel. Dat Landjuweel behelsde de feestelijke presentatie van honderdtwintig Brabantse gilden. De ambitie was stevig. Er waren talloze wedstrijden, een opmars op een tijdelijk gildeterrein, Rederijkersavonden, de kerkelijke dienst, de erewijn en de feestavond voorafgaand aan de grote dag: 24 augustus. “In 1980 bestond Oirschot 1500 jaar en de Sint-Petruskerk 500 jaar. Het Landjuweel paste perfect in dat jubeljaar”, aldus Van den Biggelaar.

Hectiek

Beschermvrouwe Topy Mertens ontving de gildenafgevaardigden altijd gastvrij, maar was ook bij de organisatie zelf betrokken. Ze herinnert zich met name de hectiek: “We kwamen soms handjes tekort. Ik ben eens lukraak de Markt opgelopen om vrijwilligers te ronselen voor het schilderwerk. En bij de erewijn ontbrak bisschop Bluyssen, omdat hij nog bij een ziek nonnetje zat te bidden.” Het Landjuweel werd een groot succes door de brede steun in het dorp. Zo verzorgde de KBO een Brabantse koffietafel, voor zeshonderd afgevaardigden van de gilden en ‘de hotemetoten’, zoals Van den Biggelaar ze noemt. “Onder hen waren veel zilverschenkers, bekendheden zoals Frits Philips, Minister Van Trier, vele burgemeesters en de directeurs van Daf en Van Lanschot bijvoorbeeld.” De optocht zelf, op het terrein bij de Oirschotse molen, werd zeer strak geregisseerd. “Elke minuut móest er een gilde passeren. We hadden gedreigd dat ze anders geen prijs zouden krijgen”, lacht Mertens.

Forse risico’s

De risico’s waren fors, want er was nogal geïnvesteerd, bijvoorbeeld in een grote tent, waarin ook tv-quizmaster Willem Ruis optrad. Daarbij was de omzet zo hoog, dat er een bewaakt geldtransport aan te pas kwam. Voor de gildeleden was het soms een helse klus om alles rond te krijgen. “Bij mij was het organiseren vaak nachtwerk”, vertelt toenmalig secretaris Toon van der Aa. “Financieel was ook alles pas afgerond in 1982. Ik nam me voor: voor mij nooit meer een Landjuweel! Maar na veertig jaar ben ik er nog steeds trots op.” Bestuurslid Ad Aarts herkent dat. “Op het laatst was ik echt murw, maar had ik nog de verschieting. Toen ik als enige in Oirschot een prijs won, was dat een prachtige opsteker.”

Rederijkers

“Het Landjuweel gaf een economische boost van hier tot Tokyo voor Oirschot, we stonden op de kaart bij de VVV’s. Ook cultureel had het nog een mooie spin-off, met de komst van het Rederijkersgilde en de Culturele Raad”, aldus Van den Biggelaar. Voormalig secretaris Henk van Hout besluit: “Nu is het organiseren aan de jeugd. De opdracht is niet ingewikkeld”, zo lacht hij. “Het moet vernieuwend zijn en het mag niks kosten!”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden