JavaScript is disabled in your web browser or browser is too old to support JavaScript. Today almost all web pages contain JavaScript, a scripting programming language that runs on visitor's web browser. It makes web pages functional for specific purposes and if disabled for some reason, the content or the functionality of the web page can be limited or unavailable.

Glühwein: warme wijn met een lange geschiedenis

Zodra de dagen korter worden en de kou in de lucht hangt, verschijnt hij weer overal: glühwein. Op kerstmarkten, winterfairs en bij vuurkorven dampen de mokken. Het is zo’n drankje dat meteen een gevoel oproept van lichtjes, dikke jassen en samen buiten staan. Maar waar komt glühwein eigenlijk vandaan? En waarom hoort hij zo sterk bij Kerstmis?

De oorsprong van glühwein ligt verder terug dan veel mensen denken. Al bij de Romeinen werd wijn verwarmd en gekruid. Zij voegden kruiden toe om de smaak van wijn te verbeteren en om hem langer houdbaar te maken. In oude geschriften wordt gesproken over conditum paradoxum, een warme wijn met honing, peper, laurier en andere specerijen. Toen de Romeinen Noord-Europa bereikten, namen ze deze gewoonte mee.

In de Middeleeuwen kreeg gekruide wijn een nieuwe rol. Kruiden en specerijen waren kostbaar en werden gezien als iets geneeskrachtigs. Warme wijn met kaneel, kruidnagel en nootmuskaat zou helpen tegen kou, verkoudheid en andere winterkwalen. Dat het ook gewoon lekker was, hielp natuurlijk mee. In Duitstalige gebieden raakte het gebruik diep geworteld, vooral in de wintermaanden.

De naam glühwein betekent letterlijk ‘gloeiende wijn’. Het verwijst naar het verwarmen van de wijn, al mag hij nooit echt koken. In Duitsland en Oostenrijk werd het drankje vanaf de negentiende eeuw steeds vaker geschonken op wintermarkten. Met de opkomst van kerstmarkten zoals we die nu kennen, groeide glühwein uit tot een vast onderdeel van de kersttraditie.

Waarom juist op kerstmarkten?

Daar komen een paar dingen samen. Kerstmarkten zijn buiten, vaak in koude omstandigheden. Een warm drankje ligt dan voor de hand. Glühwein is eenvoudig in grote hoeveelheden te maken en de geur van wijn, sinaasappel en kruiden verspreidt zich snel. Dat aroma werkt bijna als reclame: mensen volgen hun neus. Bovendien bevat glühwein alcohol, wat een warm gevoel geeft en de drempel verlaagt om een praatje te maken. Het past bij het sociale karakter van kerstmarkten.

Ook speelt nostalgie een rol. Voor veel mensen is de eerste slok glühwein het startsein van de feestdagen. Het drankje is verbonden met herinneringen aan uitjes, lichtjes en muziek. Daardoor smaakt hij elk jaar weer een beetje hetzelfde, zelfs als het recept verschilt.

Wie glühwein alleen van kerstmarkten kent, weet vaak niet hoe makkelijk hij thuis te maken is. Zelf maken heeft voordelen: je bepaalt de zoetheid, de kruiden en de kwaliteit van de wijn. Een eenvoudige, klassieke versie maak je zo.

Recept voor klassieke glühwein (4 personen)

Ingrediënten:

1 fles droge rode wijn

1 biologische sinaasappel

2 kaneelstokjes

4 tot 6 kruidnagels

2 steranijs

2 tot 4 eetlepels suiker of honing (naar smaak)

optioneel: een scheutje rum of sinaasappellikeur

Bereiding:

Was de sinaasappel en schil een paar lange repen van de schil. Pers daarna de sinaasappel uit. Doe de wijn in een pan en voeg het sinaasappelsap, de schil en de kruiden toe. Verwarm het geheel langzaam op laag vuur. Laat de wijn niet koken, want dan verdwijnt de alcohol en wordt de smaak bitter. Voeg suiker of honing toe en proef. Laat de glühwein ongeveer 20 minuten zacht trekken. Zeef de kruiden eruit en voeg eventueel een scheutje sterke drank toe. Serveer warm.

Glühwein is meer dan een drankje. Het is een winterritueel, een moment om even stil te staan en te genieten. Misschien is dat wel de echte reden dat hij zo goed bij Kerstmis past. In een koude, drukke tijd brengt hij warmte, geur en een beetje rust in een mok.