Na alle aandacht voor grotere zoogdieren in de vorige columns wordt het tijd om de blik eens te verleggen. Hoe gaan dieren eigenlijk om met onze kwakkelwinters? Stijf bevroren in de nacht en overdag lekker zonnend bij temperaturen ver boven nul? Steeds vroeger begint het voorjaar maar trekvogels krijgen hier geen bericht van.
Overleven in de winter was vroeger een vraag van levens belang. Tegenwoordig is het meer een kwestie van geluk of pech. De korte ijs en sneeuwperiode in januari was domme pech voor onze ijsvogels. Na jaren van slappe hap in de laatste en eerste maanden van het jaar was het nu plotseling raak. Wegtrekken kunnen ze nauwelijks en dichtvriezende vijvers betekent geen voedsel meer. Trekkende vlinders als atalanta en distelvlinder hebben het omgekeerde probleem. Vorst overleven ze wel in onze tuinhuisjes maar een warme februari dag nodigt uit om de vleugels te strekken. Maar is nog geen nectar te vinden en dus is het dan einde oefening want de brandstoftank is leeg. Gelukkig zijn er nog meer dan genoeg die wel weggetrokken zijn en vanuit Afrika en Spanje in mei onze kant opkomen. Weer een andere uitdaging heeft minder met klimaat dan wel met onze opruimwoede te maken. Zelfs in de groenste wijk van Oirschot, Landgoed de Stille Wille, zijn rumoerige bladblazers een veel voorkomend verschijnsel. Helaas hebben al die kevers, rupsen naar ook egels geen mogelijkheid om wraak te nemen. Weg met dekens en anti tocht strips, we zullen die blazers eens laten voelen wat het is als je plots in de kou gezet wordt.
Klimaatverandering levert ook een ander, vaak vergeten, uitdaging op. Wat als je wegtrekt naar het zonnige Afrika, daar de steeds verder uitdrogende Sahel overleeft en je terugkomt in Brabant en ontdekt dat er geen rups meer beschikbaar is voor je kroost. De leesvaardigheid van mensenkinderen loopt hard terug maar de kansen van een bonte vliegenvanger om een app berichtje te lezen is gelijk aan nul. En dus komen ze veel te laat terug van hun uitwijkplaatsen, zijn de bladeren van de zomereik al uitgelopen en de rupsen van grote / kleine wintervlinders al weggevangen door koolmezen die thuis gebleven zijn. Nog steeds bijzonder is dat met name die vliegenvangers “geleerd” hebben eerder aan te komen en zo te overleven.
Winterrust betekent ook rust tussen alle drukte in de klimop. Niet alleen is een vitale klimop populatie essentieel voor de laatste porties nectar voor overwinterende vlinders en de bessen voor wintergasten als koperwieken maar net zo belangrijk is de schuil mogelijkheid voor overwinterende insecten. Boomblauwtjes bijvoorbeeld, u kent ze vast wel. Die lichtblauwe kleine vlinders die in voorjaar en midden zomer in de tuin te zien zijn. Hun rupsen eten graag klimop maar overwinteren er ook. En dat geldt voor tientallen andere soorten insecten. Laten we nu eindelijk eens het sprookje van klimop als boomwurger vergeten en deze klimmers met rust laten.
Inmiddels nadert Valentijnsdag en is februari al weer dagen oud. De winterrust loopt af en het wordt tijd voor het voorjaar.
