Kerst 2025. Vrede op aarde is ver weg, samen op weg wordt in polariserend Nederland ook steeds moeilijker. De polder vereist tegenwoordig een polsstok. En dus zoeken we het maar achter de voordeur met warmte, intieme gezelligheid en groen. Maar hoe zit het eigenlijk met dat groen? De kerstboom wordt in Oirschot gekweekt, het bosje maretak komt van de Heikant en de hulstbesjes hebben we uit park of tuin gehaald. Maar wat is nu echt Brabants groen?

Daarvoor moeten we terug naar onze wortels. Kerst is een samengesteld feest. Het verhaal komt uit een klein land ver buiten onze landgrenzen. Het versieren van huis en haard met groen is ooit eens ontstaan in Midden Europa. Echt Brabants is wel de gezelligheid, het zoeken van elkaar rond het midwinterseizoen. Licht in het duister van de kortste dag. Als groen gekleurde columnist met vroeger een paar geitenwollen sokken aan de grote voeten wil ik eens met u een rondje Kerstgroen maken. Zoekend naar wat nu werkelijk uit onze regio komt.

Om maar eens te beginnen met de kerstster, Niet de Advent ster maar de kamerplant met rode schutbladen die zo massaal aangeboden wordt. Nu symbool van hoop en het Kerstfeest maar eens een enorme struik uit het verre Mexico. Pas toen een Duitse kweker ermee ging knutselen werd het een compact plantje voor de vensterbank. Volgens de overlevering is de plant op wonderbaarlijke wijze ontstaan toen een arm meisje een boeketje vol onkruid bij een huisaltaar neerlegde. De goden waren diep geroerd door haar gebaar en veranderden de veldbloemen in een prachtige plant die mensen blij maakt en hoop geven op een beter leven.

Dan de eerder genoemde maretak. Ook al geen Brabander van nu maar eens toen het Hertogdom zich uitstrekte tot ver in het huidige België overal te vinden. Volgens Germanen en Kelten was het een vreemde verschijning. Groeiend op een appelboom of populier en in de zomer verstopt tussen de bladeren. Pas als het blad afvalt valt de groene maretak op. Schijnbaar altijd groeiend, steeds weer bloeiend en getooid met kleverige bessen vol met zaad. Het werd een symbool van vrede maar vooral van vruchtbaarheid. Vandaag de dag is het nog steeds een mooi gebruik om elkaar te kussen onder de maretak.

De Kerstboom is ook al niet echt Brabants. Net als de maretak was het voor de Germanen een symbool van leven. In de donkere winter bleven sparren of dennen groen terwijl de machtige eiken hun blad verloren. In de donkere middeleeuwen ging de adel sparren in hun koude kastelen en landhuizen plaatsen. Versierd met appels, noten en verlicht met waskaarsen om de boze geesten af te weren. Brabant had echter alleen op heidevelden jeneverbessen en die groeiden te traag om op te kweken. Fijnsparren uit Zwitserland en Nordmannsparren uit de Kaukasus werden vanaf de negentiende eeuw massaal geïmporteerd en van klein tot groot formaat verkocht.

Is er dan geen enkel Brabants Kerstgroen? Toch wel, hulst groeit in West-Europa graag op zand en staat dan als ondergroei in eiken-berkenbossen. Maar omdat hulst ook in tuinen gekweekt wordt en merels graag de bessen eten blijft het wel de vraag of een Oirschotse hulst echt wild is of meegenomen uit een door mensenhand gemaakt paradijsje.

Exotisch groen mag met Kerst. Graag wens ik u fijne Kerstdagen.