Een nieuw opgerichte groep omwonenden trekt aan de bel over de woningbouwplannen voor de Boterwijk en Den Heuvel. Het Platform Omwonenden rondom de Boterwijk zegt niet tegen woningbouw te zijn, maar vindt dat de gemeente te ver is afgeweken van de uitgangspunten die eerder met bewoners zijn besproken. Hierover willen zij op dinsdag 9 juni om 20.00 uur het woord voeren tijdens het Oirschots Podium in het gemeentehuis. Het platform roept inwoners nadrukkelijk op om daarbij aanwezig te zijn, zodat zichtbaar wordt dat veel Oirschottenaren belang hechten aan een zorgvuldige ontwikkeling van de Boterwijk en het behoud van de kwaliteit van het gebied

door Marcia Engelander - van den Wittenboer, foto: Lia Adriaans

Vooral de forse bandbreedte in het aantal woningen, de hogere bouwhoogtes en de voorgenomen bebouwing richting de Leeuwerikstraat roepen volgens het platform grote zorgen op en zijn er sinds de eerste gesprekken in 2023 belangrijke verschuivingen ontstaan. Waar eerder nog werd gesproken over ongeveer 150 woningen, gaat het nu om een bandbreedte richting circa 350 woningen. Ook de bouwhoogte is volgens de bewoners opgeschoven van drie naar vier lagen, terwijl in een presentatie op 4 februari zelfs nog vijf bouwlagen in beeld waren. Het platform vraagt zich af waarom die wijzigingen nodig zijn en of ze wel passen binnen de beschikbare ruimte en de kwaliteit van de leefomgeving.

De kritiek gaat verder dan alleen het aantal huizen. De omwonenden vinden dat woningbouw niet uitsluitend op aantallen mag worden beoordeeld, maar ook op verkeer, waterhuishouding, natuur, erfgoed en het dorpse karakter van Oirschot. Juist in een gebied met cultuurhistorische waarde zou volgens hen terughoudendheid moeten gelden. "De betekenis van het gebied wordt bepaald door de samenhang tussen open akkercomplexen, historische erven, zichtrelaties en de overgang tussen dorp en buitengebied. Deze kwaliteiten sluiten aan bij de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart van de Omgevingsverordening Noord- Brabant, waarin bescherming van deze waarden, landschappelijke kenmerken en omgevingskwaliteit als provinciaal belang zijn aangemerkt", aldus het platform Omwonenden rondom de Boterwijk.

Reactie: te algemeen

Tijdens een drukbezochte bewonersbijeenkomst op 12 mei bleek volgens het platform dat de reactie van de gemeente op de ingediende inspraakreacties vooral algemeen bleef. Er zou onvoldoende duidelijk zijn welke kwaliteitscriteria worden gehanteerd en hoe de verdere uitwerking van de plannen precies wordt bewaakt. De bewoners hebben de indruk dat te veel ruimte wordt gelaten aan de projectontwikkelaar, terwijl niet helder is aan welke randvoorwaarden die zich moet houden. "Zo rijst de vraag wat de gemeente wil doen met de circa 22 hectare grond die na realisatie van de woningbouwplannen in eigendom blijft van de projectontwikkelaar. Wordt deze grond op termijn door de gemeente aangekocht en ingezet voor natuurontwikkeling, recreatie of verdere kwaliteitsverbetering van het gebied?", vraagt het Platform zich af. "Veel vragen zijn nog onbeantwoord. Bewoners ervaren dat relevante informatie onvoldoende transparant wordt gedeeld."

Participatie

Daarmee raakt het dossier ook aan een bredere vraag: hoe serieus neemt de gemeente de participatie van inwoners? Volgens het platform is er na de presentatie van het eerste concept-masterplan op 4 februari 2026 geen nieuw, volwaardig participatietraject gestart, terwijl de plannen op meerdere punten zijn veranderd. Bewoners vinden dat participatie meer moet zijn dan achteraf informeren over keuzes die al grotendeels vaststaan. Een extra pijnpunt is dat het tweede concept-masterplan inmiddels wel aan de provincie is voorgelegd, maar niet openbaar is gemaakt. Volgens het platform wordt het document niet gedeeld met omwonenden, waardoor het lastig is om de volgende stap van de planvorming goed te beoordelen. Dat voedt de onvrede over de transparantie van het proces.

Het platform hoopt ondanks de stevige kritiek nog altijd op een plan waarin woningbouw en behoud van landschap, leefbaarheid en erfgoed samenkomen.