Onder regie van wethouder Joep van de Ven werd vrijdag het terrein rond de Oude Toren in Oostelbeers feestelijk – opnieuw – in gebruik genomen. Er was een behoorlijk uitgebreid programma, waarin aandacht werd geschonken aan de cultuur, de historie en de natuur, die samen deze plek zo bijzonder maken. Er was de verwachte flinke opkomst, want: welke Beerzenaar heeft er nu geen mooie herinneringen aan die geheimzinnige Middeleeuwse plek?

door Rens van Ginneken

De aanloop naar de opwaardering van het terrein met zijn eenzame toren tussen Oostelbeers en Middelbeers was een pad vol hobbels en valkuilen, zo bleek eens temeer, sinds al in 2013 een eerste plan werd gepresenteerd. Toen was er nog sprake van een permanent en groot onderkomen voor het Oostelbeerse Sint-Joris Gilde, dat het terrein de afgelopen dertig jaar beheerde en er ook verschietingen hield. Groot moet de teleurstelling zijn geweest toen dat plan na een aantal jaren om allerlei redenen niet haalbaar bleek. Enkele jaren geleden zag een nieuw plan het levenslicht. Dat voorzag in een forse houtkap en in een flinke periscoop waarmee bezoekers over het landschap zouden kunnen turen. Dat plan schoot bij enkele Beerse organisaties in het verkeerde keelgat en ook Werkgroep Natuur en Landschap bleek danig ontstemd. Zij voelden zich amper gehoord in hun aanbevelingen voor behoud van flora en fauna. Het leverde zelfs nog een heuse protestmanifestatie bij de toren op met honderden demonstranten met spandoeken. Des te verrassender was het dus dat in februari van dit jaar ‘ineens’ een nieuw plan van landschapsarchitect Frank van Vliet van ontwerpbureau Pheae gepresenteerd werd, dat wél de goedkeuring van alle betrokkenen kreeg.

Geen afsluiting, eerder Fase 1

“Het zou toch wat zijn als ik hier nu straks op een grote rode knop druk en er komt alsnóg een periscoop van tien meter uit die toren tevoorschijn”, zo grapt wethouder Joep van de Ven vlak voor het officiële gedeelte. In zijn openingswoord spreekt hij zijn grote waardering uit voor wat er nu – amper vier maanden na de goedkeuring van het plan – al bereikt is. “Ik ben heel trots op wat we hier met elkaar hebben bereikt. Ik wil benadrukken dat dit nog geen afsluiting van het project is, eerder een ‘Fase 1’. Het verder ontwikkelen van bijvoorbeeld de natuur rond de Oude Toren zal in volgende fases gestalte krijgen en daar kunnen we best nog enkele jaren hard aan te werken hebben. De bedoeling is om met de mooie nieuwe uitstraling de mensen weer een beetje verliefd te laten worden op de toren: dat is natuurlijk goed voor het behoud.”

Verrassend mooi

En het moet gezegd: het terrein ligt er verrassend mooi bij. De voorheen overvloedige brandnetels en braamstruiken zijn verdwenen, er is een stuk grasveld ingezaaid, er staan een tiental houten banken voor publiek bij kleinschalige evenementen en er zijn een aantal cortenstalen informatiepanelen geplaatst, waarop zichtbaar hoe de ontwikkeling van de Oude Toren en het terrein vanaf 1200 zich heeft uitgerold. Zo wordt met prachtig vervaardigde tekeningen mooi inzichtelijk hoe een houtje kerkje plaatsmaakte voor een stenen godshuis, dat werd verhoogd en uitgebreid in verschillende tijdvakken en hoe de bewoning rondom het kerkje in de loop der tijd verdween naar wat nu de kern Oostelbeers is. Ook is er een uitnodigend wandelpad aangelegd rondom de toren. De toren zelf heeft het nodige restauratiewerk gehad, wat in 1968 voor het laatst gebeurd was. Een groot cortenstalen kunstwerk verbeeldt op ongeveer één derde van de ware grootte hoe de spits, die er in de achttiende eeuw afwaaide, uit moet hebben gezien. Tegelijk is dat ook een mooie blikvanger voor toevallige passanten.

Sleuteloverdracht

De ingebruikneming van het terrein is een uitgebreid ceremonieel, waarbij Hoofdman Jeroen Hems van het gilde symbolisch de sleutel overdraagt aan Bert van Essen van de Stichting Vrienden van de Oude Toren. Die laatste beheert overkoepelend voor een aantal belangenverenigingen het terrein, zoals bijvoorbeeld de heemkunde-, cultuur- en de natuurverenigingen. Thea Noordijk van Werkgroep Natuur en Landschap toont zich vooral positief over de huidige stand van zaken. “Ik ben blij dat er in februari is geluisterd naar onze inbreng voor de inrichting van het terrein. Zo is bijvoorbeeld het achterstuk van het terrein ongemoeid gelaten. Hopelijk worden we vanaf nu ook actief betrokken bij het beplantingsplan. De Amerikaanse eiken die nu nog gekapt gaan worden voor betere zichtlijnen hadden van ons niet weg gehoeven, maar wij begrijpen ook dat zo’n proces als dit een kwestie van geven en nemen is. Wel willen we graag nog afstemmen over het gebruik. Kleinschalige evenementen passen hier prima, maar wat ons betreft graag niet héél vaak. Daarover ligt nu een ‘gentlemen’s agreement’, maar voor ons geldt hier: hoe concreter, hoe beter.”

Bankje voor Rinus

Er volgen nog een aantal mooie momenten, zoals de onthulling van een bankje ter ere van Rinus van den Boomen, die eind 2023 overleed. Rinus was een gekende en zeer gewaardeerde natuurbeschermer, die op een steenworp afstand van de toren woonde. Een van zijn eretitels was altijd ‘Hoeder van de Oude Toren’. Op het bankje prijkt een gevleugelde uitspraak van Rinus: ‘En van die dingen’. Enkele bandleden van de door Rinus opgerichte Leonard Cohen Tributeband spelen nog een lied voor hem. Op het bankje. Even later is er nog meer muziek met Sabine Canton op harp en Hanneke Coolen-Colsters op sax, met een mooie bewerking van Avé Maria, die tegen de eeuwenoude wanden van het mystieke monument weerkaatst. Hanneke roemt de toren waar ze zelf ook graag vertoeft als een prachtige plek van samenkomst. “Een toren als een lieve, ouwe mopperpot, die hier de pest voorbij heeft zien komen, plunderende Spanjaarden en Fransen, de Bokkenrijders die de Kempen onveilig maakten. Maar die ook al eeuwen getuige is van al het moois wat hier aan natuur en cultuur passeert.”