De strijd om het aquaduct onder de A58 is nog niet gestreden. Terwijl de gemeenteraad al heeft ingestemd met medewerking aan de vervanging van de brug over het Wilhelminakanaal, laat de Stichting A58 Oirschot, aquaduct in het groen zich niet uit het veld slaan. In een uitgebreide brief aan minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat doet zij een indringend, en wellicht laatste, beroep om alsnog serieus naar een aquaduct te kijken.
door Marcia Engelander - van den Wittenboer
De toon is scherp. De stichting noemt het 'zeer teleurstellend' dat zij niet is meegenomen in de briefwisseling rondom de brugvervanging, en vindt het 'uiterst onbevredigend' dat de minister geen aanleiding ziet een aquaduct te overwegen. Eerder wees minister Karremans het aquaduct namelijk volledig af. Het rijk stelt dat de onderdoorgang niet nodig is om de doorstroming op de snelweg te verbeteren. Het belangrijkste bezwaar van de stichting draait om de stelligheid waarmee de minister vasthoudt aan vervanging van de brug in 2030. Volgens voorzitter Hans van Woensel is de onderliggende besluitvorming inmiddels acht jaar oud en zijn de kaders sindsdien totaal veranderd: de verkeersintensiteit is toegenomen, het economisch belang van de A58 als toegang tot de Brainportregio is gegroeid en met de Omgevingswet is het wettelijk kader gewijzigd. De stichting betwijfelt daarom hardop of het besluit 'rechtens houdbaar' blijft bij formele bezwaren van belanghebbenden, met als risico dat juist de gewenste verbreding onnodige vertraging oploopt.
MKBA
Ook op de cijfers levert de stichting kritiek. De genoemde meerkosten van een aquaduct zouden 'aantoonbaar onjuist' zijn, schrijven zij in hun brief aan de minister. Volgens een onafhankelijk onderzoek zouden liggen die tussen de 30 en 54 miljoen euro. Bovendien is een aquaduct volgens de stichting nooit als volwaardig alternatief in een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) onderzocht, en werd altijd alleen naar de kosten gekeken, nooit naar de baten voor de gemeente Oirschot.
Europa
De stichting komt met een concreet voorstel: "Laat op korte termijn een MKBA uitvoeren waarin verschillende oplossingen, al dan niet als aquaduct, eerlijk met elkaar worden vergeleken." Ook wijst zij op mogelijke Europese cofinanciering via klimaat- en infrastructuurprogramma's en suggereert zij om, gezien de grote kazerne en het militaire vliegveld bij Oirschot, geld uit defensiepotjes te betrekken.
Toch hangt boven het hele pleidooi een ongemakkelijke werkelijkheid. Landelijk is er simpelweg geen geld voor nieuwe wegenprojecten: Rijkswaterstaat kampt tot 2038 met een tekort van 34,5 miljard euro en stelt inmiddels zelfs regulier onderhoud uit.
Tegen die achtergrond wordt een duurdere onderdoorgang er niet makkelijker op.
