Op de vraag of hij eens met de journalist over Natuurgebied de Kampina - onderdeel van de gemeenten Oisterwijk, Oirschot en Boxtel - wil wandelen hoeft vrijwillig boswachter Frans Kapteijns niet lang na te denken. “Zeker wel; het is namelijk mijn favoriete natuurgebied! Je vindt hier alles wat de Brabantse natuur te bieden heeft: bossen, vennen, zandverstuivingen, beken en onnoemelijk veel diersoorten. Op een mooie, compacte manier heb je in de Kampina alles bij elkaar: een soort Madurodam van de natuur eigenlijk.”

door Rens van Ginneken

Frans Kapteijns (73) is in de natuur eigenlijk altijd een ‘kapitein met meerdere petten’. Zo is hij onder meer Ambassadeur voor Van Gogh Nationaal Park, lid van het Biodiversiteitsteam Oisterwijk en vrijwillig boswachter voor Vereniging Natuurmonumenten – de facto ook eigenaar en beheerder van de Kampina. Bij veel Brabanders zal hij ook een bekende in de huiskamer zijn vanwege zijn bevlogen schrijfsels over de natuur, of door zijn ‘Stuifmail’ podcast bij Omroep Brabant. We treffen elkaar op parkeerplaats Het Loo in Boxtel en enkele minuten later kijken we al uit over het magnifieke Kogelvangersven, waar de serene rust alleen wordt doorbroken door het vrolijke gesnater van een koppel eenden. Als natuurgids moet Frans al duizenden bezoekers door het gebied geloodst hebben, maar nog altijd spreekt hij er even geestdriftig over, als was het de eerste keer.

Hond los: vragen om problemen

“Als vrijwillig boswachter heb ik trouwens geen Boa-bevoegdheden, maar ik ben in feite wél toezichthouder en ik mag mensen verzoeken zich aan de regels te houden als dat nodig is. Doen ze dat alsnog niet, dan mag ik hen ook verzoeken het terrein te verlaten. Met name met hondenbezitters is het nog weleens problematisch. Een hond los laten lopen in zo’n gebied als de Kampina is gewoon ‘not done’. Het is vragen om problemen, bijvoorbeeld met op de grond broedende vogels die van hun nesten gejaagd worden, of met drachtige reeën die in blinde paniek op de vlucht slaan, omdat een hond voor hen echt als een wolf ruikt. Dat kan voor een ree hele nare gevolgen hebben…”, zo toont hij met een ontluisterende foto van een onvolgroeid reekalfje dat voor de geboorte werd afgestoten door moeder-ree, op de vlucht voor een hond.

Complimentje

Zijn de bezoekers dan de plaag voor natuurgebieden? Frans wil dat toch graag nuanceren. “In de coronatijd bijvoorbeeld werd het soms wat problematisch, omdat er toen zoveel mensen de natuur introkken. Maar de meeste mensen die dit gebied bezoeken houden zich keurig aan de regels, het is maar een klein deel wat problemen geeft. Ik geloof nog steeds in een positieve benadering, vandaar dat ik mensen ook complimenteer als ze hun hond wél netjes aan de lijn hebben.” En, ‘voilà’: alsof ze in het draaiboek staan, komen daar ter plekke twee wandelende dames om de hoek, mét een aangelijnde hond. “Goedendag!”, groet Frans. De dames groeten vriendelijk terug. Frans: “Ik wil u graag een compliment maken.”

Hiken op hakken?

De dames kijken even verbaasd. “Omdat u de hond zo netjes aan de lijn heeft.” Dat vinden de dames vanzelfsprekend. Ze blijken uit Helvoirt te komen. “Het is echt een prachtig gebied hier”, zegt de ene. De andere lacht: “We komen vaak met de hond inderdaad. Je komt hier echt tot rust tijdens een wandelingetje.” Frans: “Er wordt veel van de knooppuntenroutes gebruik gemaakt, die zijn natuurlijk erg handig om te volgen. Wist je dat het systeem met die knooppunten is overgenomen uit de Belgische mijnen, waar het door een ingenieur voor de kompels is ontwikkeld? Een tijdje terug werd ik nog door een mevrouw aangesproken die het gebied zo mooi vond, maar die ook vond dat we wat aan de boomwortels moesten doen, want dat 'wandelde zo lastig'. Ik heb haar toen het advies gegeven om een volgende keer niet op hoge hakken te komen. Ja, je maakt wat mee hier hoor, haha!”

Gezellig barbecueën in de natuur?

Andere zaken die een bedreiging vormen voor het gebied zijn de verdroging en steeds vaker voorkomende natuurbranden, zaken die volgens Frans niet meer los van elkaar te zien zijn. “Bezoekers van de natuurgebieden spelen daarin ook een rol. Je houdt het soms niet voor mogelijk dat mensen zich echt niet bewust lijken van de gevaren van het weggooien van een sigarettenpeuk, het stoken van een kampvuurtje, of een gezellige barbecue in of bij zo’n natuurgebied. Dat is echt levensgevaarlijk. De schade door een brand is enorm. Aan bomen en struiken, maar ook aan het bodemleven, salamanders, kevers, mierenpopulaties, zandbijen, muizen en de zaden en zwamvlokken in de bodem: dat gaat er allemaal aan en dan duurt het weer een eeuwigheid voor het hersteld is.”

Gevolgen voor de mens

Hij vervolgt: “De verdroging van de natuur is echt een enorm probleem aan het worden. Dat komt onder meer door de klimaatverandering, maar ook door de mens zelf. In deze omgeving wordt er bijvoorbeeld veel water aan de bodem onttrokken voor bomenteelt, vooral voor de export nota bene. Ik gun iedereen zijn kostwinning, maar hier snijden we onszelf mee in de vingers, zeker op langere termijn. We moeten echt nu ingrijpen, voor zaken onomkeerbaar zijn! Dit heeft – naast het snel toenemende risico op natuurbranden - desastreuze gevolgen voor plant en dier, voor ecosystemen en uiteindelijk ook voor de mens”, zo bezweert de natuurman.

‘Krie-krie-krie’

Zijn blik is scherp. Hij wijst op een grijze zandbij die een paar meter verderop in zijn holletje kruipt en op een vrolijke weidehommel die over de pollen pijpenstrootje scheert. “Het pijpenstrootje is in principe een mooie plant. Maar door de combinatie van stikstofoxide en ammoniak - de stikstofdepositie - worden de pollen soms hele grasvelden: dat is weer net niet de bedoeling, want dan verdringt hij typische heideplantjes als de gewone struikhei, Calluna Vulgaris. “Kriekriekrie”, klinkt het in een hoge boom. “Dat is de zeer zeldzame zwarte specht, die laat weten dat hij er is”, glimlacht Frans. “Een van de zés soorten die hier voorkomen!”, verklaart hij met zichtbare trots.

Met het Dafje de hei op

“Het is écht een bijzonder natuurgebied hier, met een bijzondere ontstaansgeschiedenis. Daarbij hebben de mensen ook een belangrijke rol gespeeld, met bijvoorbeeld het gebruik van heidestruiken in hun potstallen en later het kappen van bomen voor huizen, boten en mijnbouw. In zekere zin is het dus ook cultuurgebied. Maar het verdient zéker onze bescherming: als je eens wist hoeveel zeldzame soorten hier voorkomen. De vos, de das, de bunzing en talloze vogelsoorten. Samen met het natuurgebied de Oisterwijkse bossen en vennen beslaat dit gebied 2100 hectare, met tachtig vennen, twee beken, stuifkoppen…”

Hij mijmert: “Ik kwam hier als zevenjarig jongetje al met mijn ouders. Dan reden we met het Dafje zo de hei op, dat kon toen nog. Ik was direct verslingerd aan dit paradijsje en dat is altijd gebleven!”

We tonen in een volgend artikel nog meer van de verbluffende natuurpracht van de Kampina in een fotoreportage van verschillende fotografen.

Meer informatie over de prachtige Kampina, horend bij Oisterwijk, Boxtel en Oirschot: https://www.natuurmonumenten.nl/natuurgebieden/kampina