Met een knipoog en met een serieuze boodschap, voerde de Stichting Behoud Erfgoed Oirschot (SBEO) dinsdag 16 september voorafgaand aan de raadsvergadering een opvallende actie uit. Op de gevel van het gemeentehuis aan de Deken Frankenstraat verscheen plots een bordje met de tekst 'gemeentelijk monument'. Leden van de stichting hadden het eigenhandig bevestigd, om te onderstrepen dat dit pand volgens hen te bijzonder is om te laten verdwijnen. Later die avond herhaalden ze hun standpunt tijdens het Oirschots Podium. Adriaan Risseeuw, namens SBEO, pleitte krachtig voor hergebruik in plaats van afbraak van het gebouw.
door Marcia Engelander - van den Wittenboer
Het gemeentehuis aan de Deken Frankenstraat is een toonbeeld van de Bossche School, de architectuurstroming die in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw ontstond rond Benedictijner monnik en architect Dom Hans van der Laan. Kenmerkend aan het ontwerp is het spel met maatverhoudingen, de toepassing van traditionele materialen en de nadruk op evenwicht tussen exterieur en interieur. Grote gebaren ontbreken; in plaats daarvan valt het gebouw op door rust, samenhang en zorgvuldige detaillering. Niet voor niets wordt het Oirschotse gemeentehuis in verschillende architectuurgidsen genoemd als voorbeeld van hoogwaardige eigentijdse interpretatie van de Bossche School. SBEO bracht tijdens het Oirschots Podium het recente bouwhistorische onderzoek van Monumentenhuis Brabant opnieuw onder de aandacht. Daarin wordt het gemeentehuis omschreven als een gebouw van hoge cultuurhistorische waarde vanwege drie pijlers: de bijzondere architectonische kwaliteit, de betekenis voor de bestuurlijke ontwikkeling van Oirschot en de centrale ligging binnen het historisch dorpsgezicht. Die ligging, pal naast het oude raadhuis en de Sint- Petrusbasiliek, maakt het gebouw extra bijzonder. Alles wat in dit gebied verandert, moet worden getoetst door de Erfgoedcommissie. Dat benadrukt dat dit niet zomaar een kantoorpand is, maar een schakel in de samenhang van de dorpskern.
Kans
Dat de gemeente binnenkort vertrekt (red.: naar het voormlige Rabobank kantoor), heeft volgens SBEO niet te maken met het ontwerp of de bruikbaarheid, maar met het onderhoud dat jarenlang achterbleef. Het pand kampt met een forse onderhoudsachterstand, hetgeen nu als reden wordt genoemd voor vertrek. De stichting maakt bezwaar tegen die redenering en ziet vooral mogelijkheden: "Niet het gebouw is het probleem, maar het gebrek aan aandacht dat het jarenlang heeft gekregen. Dit pand verdient een tweede kans," luidde hun boodschap. Afgelopen juni werden negen mogelijke toekomstscenario’s voor het gebouw bekend gemaakt, waaruit de gemeenteraad kon kiezen. Voor SBEO sprongen hier vier varianten eruit, omdat ze ruimte laten voor behoud van het Bossche School -deel. De stichting benadrukt dat een nieuwe functie pas echt kansrijk wordt wanneer de architectonische identiteit uitgangspunt is.
Nieuwe invullingen
Concreet denkt de stichting aan een invulling met een sociale en publieke component op de begane grond. Dat kan variëren van een gemeentelijke dependance, bibliotheek of toeristisch informatiepunt tot een museumzaal, expositieruimte of werk- en kunstateliers. Een koffiehoek als laagdrempelige ontmoetingsplek mag volgens SBEO niet ontbreken. Op de verdieping ziet men ruimte voor appartementen, passend in de huidige woonopgave.
Waarde
SBEO staat niet alleen in dit pleidooi. De stichting wacht niet af en voert al gesprekken met landelijke erfgoedorganisaties. Ook wil ze een aanvraag indienen voor een herbestemmingsubsidie bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Die steun kan het verschil maken bij het aanpassen en verduurzamen van het pand, zodat nieuwe functies rendabel worden. Aan het eind van de presentatie riep de stichting de aanwezige raadsleden op om het gemeentehuis niet te zien als ballast uit het verleden, maar als een kans. SBEO benadrukte nogmaals dat juist de ruimtelijkheid, de harmonie en het historisch besef die in dit ontwerp samenkomen, van grote waarde zijn voor het dorpshart. Het symbolische bordje aan de gevel is uiteraard na afloop ook weer keurig verwijderd door de stichting. De komende maand zal blijken of bestuur en politiek de boodschap serieus oppakken, of dat de gemeente voor een totaal andere koers kiest.
