Deze week begon met de tragische dood van een schitterende volwassen das. Getroffen door voortrazend blik, vermorzelende autobanden en achteloos achtergelaten om te sterven in de ijskoude berm op de hoek Kattenberg en Bekersberg. Jan Aerts-Blankers, één van de bewoners van Landgoed de Stille Wille, heeft het trieste tafereel vastgelegd. Waar de das vandaan kwam, waar hij of zij naartoe ging en wat er in de laatste momenten van het aards bestaan door die prachtige kop gegaan is weten we niet. Wat we wel weten is dat dassen nacht actief zijn en graag gebruik maken van vaste routes in het landschap om van slaapplek naar voedselplek te komen. Zelfs in onze buitengebieden is echter nauwelijks meer een plek te vinden om veilig over te steken of een wegberm te volgen. De Zoogdiervereniging meldt dat jaarlijks meer dan tien procent van de complete dassen bevolking van ons land sterft in het verkeer. In getallen is dat zevenhonderd doden op een bevolking van ongeveer zesduizend dieren. Dat de das zo vaak in conflict komt met onze drang om ons te verplaatsen was helaas te voorspellen. Voor hun slaapplek kiezen ze graag de rust van een bos zoals bijvoorbeeld Landgoed de Baest. Daar worden ook hun jongen geboren en na verloop van tijd wordt het een gezellige drukte. Een deel blijft heerlijk thuis wonen maar een aantal dieren zullen zeker aandrang krijgen om een eigen territorium te zoeken. Letterlijk hun neus volgend zoals ze dat elke dag al gedaan hadden. Knabbelend op een mooie regenworm in een open maar bij voorkeur wel kleinschalig akkerlandschap, oogstrestanten opruimend en als het zo uitkomt een muizennest als snack tussendoor.
Al geruime tijd waren er aanwijzingen dat dassen het gevarieerde landschap tussen Beerze en Reusel ontdekt hebben. Kleine bosjes onderweg gebruikend als extra dekking en via het Voedselbos Kattenberg uiteindelijk uitkomend bij het nieuwe landgoed Beekersberg. Graafsporen waren stille getuigen van hun speurtocht naar een gevarieerd dieet. Theorieën van een zekere bioloog, die ook nog elke week deze column schrijft, dat Stille Wille en Beekersberg groene eilanden zouden zijn in een zwaar gebruikt agrarisch landschap, mogen radicaal richting vuilnishoop. Zwaar beschermde dieren als das, patrijs en diverse soorten vleermuizen blijken wegen en boomsingels in het gebied te gebruiken als doorgaande trekroutes. Niet voor een enkele keer maar maanden en zelfs jaren achter elkaar. De akkers links en rechts zijn voor zowel als das en patrijs hetzelfde als de voedselbank voor ons. Zolang er niet meer giftig bespoten lelies gekweekt worden is er overal een ruim belegde boterham te vinden.
Tenminste… dat was tot op heden zo. Aan de horizon zijn echter zware donderwolken verschenen. Wat hebben we als hebzuchtige mens aan een paar vogels en wat meestal onzichtbare dieren? Weg ermee, plemp er duizenden zonnepanelen in en geloof in de ecologische prietpraat van ontwikkelaars die als Dagobert Duck zich nu al rijk rekenen. Het is opnieuw vijf voor twaalf voor dit groen dooraderde landschap waar mens en dier in harmonie kunnen leven. Gelukkig is het nog niet te laat. Kom ook naar de informatie bijeenkomst van de heren projectontwikkelaars (25 februari, 19.00 – 21.00 uur) in Komaen, Spoordonk en laat uw stem voor das en landschap horen.
