Met een welkomstwoord van Hagar Roijackers, gedeputeerde van de provincie Noord-Brabant, start op zondag 6 juni in de Oirschotse Sint-Petrusbasiliek de viering van het eeuwfeest van het Brabants Studenten Gilde van Onze Lieve Vrouw. Deze studentenvereniging werd in 1926 in Oirschot opgericht en trok sindsdien een opmerkelijk cultureel spoor door Brabant. Over de betekenis van dit studentengilde, dat nog steeds springlevend is, vertelt de Brabantse journalist en publicist Paul Spapens.
De bijeenkomst in de Sint-Petrusbasiliek is voor iedereen toegankelijk. Deze begint om 10.30 uur en eindigt om 12.15 uur met een vendelgroet door gilde Sint-Joris op de Markt. In Museum De Vier Quartieren kan een expositie worden bezocht over de achtergronden en de betekenis voor Brabant van het Brabants studentengilde.
Het initiatief tot de oprichting van deze studentenvereniging werd genomen door Jules Froger en Cees Smelt. Zij studeerden aan de TH in Delft, ze waren katholiek en ze waren dùs lid van de Katholieke Studentenvereniging Sanctus Virgilius. Wat zij misten was contact met de Brabantse mens, of zoals ze dat zelf zeiden ‘ons goede Brabantse volk’. Dit contact zou het beste tot stand kunnen komen door middel van een jaarlijkse Brabantse Landdag.
Brabantse Landdagen
Deze landdagen zijn sedertdien georganiseerd en de eeuwfeestviering op 6 juni in Oirschot kan dan ook het beste worden gezien als zo’n landdag-bijeenkomst. Al die jaren zijn de inwoners van de dorpen waar de landdagen zijn gehouden, betrokken bij de festiviteiten. De openbare bijeenkomst in de Sint-Petrusbasiliek moet ook zo worden gezien. Inwoners van Oirschot en van andere plaatsen worden daarom met plezier welkom geheten.
Vrijwel direct na het door de twee studenten in 1926 genomen initiatief, nam dat een andere wending. Toen naar iemand werd gezocht die een lezing zou kunnen geven tijdens die eerste landdag, kwam hij uit bij P.C. de Brouwer, in zijn woonplaats Hilvarenbeek met eerbied aangesproken als ‘D’n Doktor’. Petrus Cornelis (Piet) de Brouwer (1874-1961) werd geboren in een zeer gelovig boerengezin. Hij deed iets wat in die tijd voor veruit de meeste Brabantse jongeren niet was weggelegd: studeren aan een universiteit. In 1911 promoveerde hij cum laude aan de universiteit van Utrecht.
Emancipatie van Brabant
Hij maakte een indrukwekkende carrière als classicus, filoloog, didacticus en pedagoog. In Tilburg was hij de oprichter van het Odulphus-lyceum, nog steeds een goed aangeschreven middelbare school. Maar bovenal was hij katholiek emancipator, propagandist van een Brabants nationalisme met een grote rol voor het katholieke geloof. ‘D’n Doktor’ was een van de voormannen van Brabantia Nostra, een naar een tijdschrift genoemde beweging die zich inzette op het verheffen van het achtergestelde Brabant. Na de uitnodiging voor de lezing in Oirschot, is P.C. de Brouwer als geestelijk adviseur aan de studentenvereniging verbonden gebleven.
Brabantse braindrain voorkomen
Hoogst waarschijnlijk heeft hij aan de wieg gestaan van deze vereniging en van de naam: Brabants Studenten Gilde van Onze Lieve Vrouw – Onze Lieve Vrouw, Maria, was in dit verband niet zonder betekenis. Op de tentoonstelling over de geschiedenis van het studentengilde in Museum De Vier Quartieren wordt uitgelegd wat de doelstellingen waren van de studentenvereniging. De oprichting vond plaats in een tijd dat er in Brabant een grote drang was tot emancipatie, na een onderdrukking die in feite in 1648 met de Vrede van Münster was begonnen. Brabant kende zelfs nog geen eigen universiteit.
Het aantal jongeren dat kon gaan studeren was zeer beperkt. Ze waren genoodzaakt de provincie te verlaten. Eenmaal afgestudeerd waren er in Brabant nauwelijks banen voor hoogopgeleide jongeren. Om ze blijvend aan Brabant te binden, een braindrain te vorkomen, en ook om ze voor het katholieke geloof te behouden, werd het Brabants Studentengilde opgericht.
Studentenkapellen
Jaarlijks kwamen de studenten in een dorp bij elkaar. Daar organiseerden ze de Landdagen met als doel samen gezellig met elkaar op trekken, maar zeker ook om contacten te leggen met de inwoners. Ze lieten twee opmerkelijke sporen na die voortkwamen uit de activiteiten in de dorpen. In 23 dorpen doorheen heel Brabant bouwden ze een kapel. Een van die kapellen staat in Oirschot, op de hoek Spoordonkseweg/Nieuwstraat. De oorspronkelijke kapel werd gebouwd in 1935. Na een zeer ernstige vernieling werd in 1980 de huidige kapel met een beeltenis van de heilige Odulphus gerealiseerd. Brabant telt momenteel 519 kapellen. De meeste zijn gebouwd direct na de oorlog uit dankbaarheid dat deze verschrikking voorbij was. De studentenkapellen dienden als voorbeeld.
Buurten en kaarten
Werden de kapellen door de studenten zelf gebouwd, ook met sociografische onderzoeken moesten ze aan de slag. Deze zijn in ongeveer tien dorpen uitgevoerd, waaronder in Diessen. Bij deze onderzoeken moesten ze hun kennis inzetten ten bate van de gastdorpen. Zo werden in Diessen in 1950 een kapel gebouwd en een sociografisch onderzoek uitgevoerd. De verslagen zijn bewaard. Ze bieden hoogst interessante inkijken in de dorpsgemeenschappen van toen. In Diessen bijvoorbeeld werd de vrijetijdsbesteding onderzocht: ‘Er is hier weinig te beleven’, noteerden de studenten. ‘In de winter wordt er veel gekaart en gebuurt.’ s Zomers is daar bijna geen tijd voor. Op zondagmiddag wordt er dikwijls wat gefietst en gebuurt.’
Studentenvereniging in Oirschot
Na een dip in de jaren ’70, volgde in 1973 een wederopstanding van het Brabants Studenten Gilde van Onze Lieve Vrouw aan de universiteit van Wageningen. De 35 leden voelen nog altijd een grote verbondenheid met Brabant. De leden dragen hun Brabantse identiteit met verve uit. In het koesteren van hun eigenheid staan ze niet alleen. Er is in Wageningen een nieuwe samenwerking met Friese en Twentse studentenverenigingen. Bij het studentengilde is het katholieke geloof naar de achtergrond verdwenen. Wat blijft is de doelstelling: contacten leggen en onderhouden met de Brabanders, zoals ze op zondag 6 juni laten zien.
In Oirschot, waar het allemaal is begonnen…
