Langs de A58, op het innovatieterrein van InnovA58 zijn ze inmiddels geplaatst: 24 verkeersborden die niet van aluminium zijn gemaakt, maar van natuurlijke grondstoffen. Met deze proef onderzoekt Rijkswaterstaat of volledig biobased borden een duurzaam alternatief kunnen zijn voor de traditionele varianten. Eind april krijgt het project een extra Oirschots accent. Dan worden bij Hoeve Nieuw Zwanenburg verkeersborden geplaatst die zijn gemaakt van hennep van eigen bodem.

door Marcia Engelander - van den Wittenboer

De eerste 24 borden staan inmiddels langs het innovatietraject parallel aan de A58. Deze exemplaren zijn vervaardigd met vezelhennep afkomstig uit Groningen. De hennepvezels zijn verwerkt in combinatie met een biologische hars op plantaardige basis. Samen vormen zij een stevig plaatmateriaal dat geschikt is voor verkeerssignalisatie. Gedurende twaalf maanden worden de borden blootgesteld aan uiteenlopende weersomstandigheden. Zon, regen, wind en temperatuurverschillen moeten uitwijzen of het materiaal duurzaam, kleurvast en veilig genoeg is voor langdurig gebruik langs snelwegen door ons hele land. Daarbij wordt nadrukkelijk gekeken of de biobased variant technisch gelijkwaardig is aan de aluminium borden die nu gangbaar zijn.

Lokaal vervolg

Eind april krijgt de proef een lokaal vervolg. Op het terrein van Hoeve Nieuw Zwanenburg worden dan aanvullende borden geplaatst die zijn gemaakt van hennep die op de akkers van de hoeve zelf is geteeld. Daarmee wordt het traject van teelt tot toepassing letterlijk zichtbaar binnen Oirschot. De vezelhennep van Zwanenburg wordt na de oogst verwerkt tot sterke natuurlijke vezels. In combinatie met plantaardige bindmiddelen ontstaat een circulair materiaal dat na gebruik opnieuw kan worden toegepast. Het uitgangspunt is dat grondstoffen niet verloren gaan, maar terugkeren in de keten. Dat de borden juist op het erf van de hoeve worden geplaatst, onderstreept het lokale karakter van de proef. Waar de eerste 24 borden hun oorsprong vinden in het noorden van het land, laat de plaatsing bij Zwanenburg zien dat ook Oirschotse teelt geschikt is voor deze innovatieve toepassing.

Hoeve Nieuw Zwanenburg als proeftuin

Hoeve Nieuw Zwanenburg speelt in deze ontwikkeling een centrale rol en fungeert al enkele jaren als living lab voor biobased innovatie in de grond-, weg- en waterbouw. De 17e-eeuwse hoeve met omliggende landbouwgrond is door Rijkswaterstaat ingericht als experimenteer -locatie waar landbouw, ontwerp en infrastructuur samenkomen. Op het terrein wordt gewerkt met vezelgewassen zoals hennep, miscanthus en andere biobased teelten die dienen als grondstof voor toepassingen in wegenbouw, bruggen, geluidswallen en wegmeubilair. Onderzoekers, ontwerpers, boeren en overheden werken er samen aan nieuwe materialen en systemen die moeten bijdragen aan een circulaire bouwsector. Een bekend voorbeeld van innovatie die uit de hoeve voortkomt is het project rond biobased geluidswallen. Daarbij worden natuurlijke vezels, zoals hennep en miscanthus, verwerkt in modules die geluid dempen en tegelijkertijd bijdragen aan biodiversiteit en waterbuffering. De wanden zijn ontworpen als levende systemen die niet alleen functioneel zijn, maar ook ecologische waarde toevoegen aan de omgeving. Daarnaast is vanuit Nieuw Zwanenburg gewerkt aan biobased bruggen en infrastructuurcomponenten, waarin onder meer vlas, hennep en bioharscomposieten zijn toegepast. Ook wordt er geƫxperimenteerd met bio-asfalt en materialen die CO2 kunnen opslaan in plaats van uitstoten.